Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 216

door Jet van Swieten

Daar komt weer zo’n bui van ongecontroleerdheid voorbij. Alles wil hij tegelijk. De haast straalt van zijn gezicht. Zijn woorden, zijn lopen, zijn handelingen spreken boekdelen. In die hersenpan zit te veel wat hij tegelijk wil onthouden; aaneen wil doen. Liefst drie dingen simultaan wil hij doen waar slechts plek is voor een. Hij heeft haast, veel haast.
– Schiet op en ga zitten, maant hij.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 216”

Advertenties

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215

door Jet van Swieten

Dat de winter weer voorbij is – ijs en kou voor een paar seizoenen opgeborgen – dat de zonnestralen aangenaam warmbloedig het groen de grond uit lonken; bloemen openbarsten, net als vogelkelen in gezang; het komt troostrijk vriendelijk bij mij binnen. Dit is wat nu nodig is. Het levert mij de energie die ik lang vervlogen achtte. Een winter lang dit vooruitzicht en vandaag is het er, zonder mankeren. Een blauwe lucht ook; wolken drijven nergens meer voorbij. De zon is gul met zijn troost. Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe in de media

Vandaag viel De Molenkruier in onze brievenbus. Wat leuk om dan te zien dat pagina 3 over vier kolommen meteen opent met een artikel over mijn boek Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe. Correspondent Naomi Wijling heeft er een prachtig stuk over geschreven. Dank je wel Naomi. Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe in de media”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 214

door Jet van Swieten

Over zijn vergeetachtigheid en zijn geautomatiseerde handelingen valt iedere keer wel weer iets nieuws te vertellen. Over de avonturen die hij en ik samen beleven met de biscuitrol die weer eens in de koelkast terecht is gekomen, kun je flinke bomen opzetten.
– Dat gebeurt mij ook wel eens, is zo’n reactie.
Let daarbij op het woordje ‘eens’, waarmee de hardnekkigheid van de handeling van mijn lief ineens een onsje lichter wordt bevonden. Plaats dit soort incidenten in een reeks van recidive handelingen en je hebt het probleem uiteindelijk misschien dan toch te pakken. De oplossing niet. Het overkomt iedereen die wel eens de kroontjes van de aardbeien scheidt. De aardbeien belanden als vanzelf uiteindelijk bij het kroontjesafval. Wanneer het opbergen van een zojuist betaald parkeerkaartje in de parkeergarage nog voor de slagboom blijkt opgeborgen bij de boodschappen in de kofferbak, begin je misschien het onpraktische ervan in te zien. Het houdt niet op.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 214”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 213

door Jet van Swieten

Bijna elke dag vraag ik het hem:
– Heb ik vandaag al gezegd dat ik je lief vind?
Of:
Heb ik vandaag al gezegd dat ik van je houd?

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 213”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 211 

door Jet van Swieten

Dat dan op het meest precaire moment je voortand het begeeft. Abreken zou hij doen, zo verzekerde mijn tandarts en hij stuurde mij door naar een kaakchirurg. Mijn fraaie diasteem – dat charmante spleetje dat mijn beet in een appeltje onherroepelijk onderscheidt van de beet van iemand anders – zat nu alleen maar in de weg.
– We gaan het heel mooi oplossen, zo zegt de kaakchirurg.
Hij trekt er een zorgzaam gezicht bij. Dat biedt vertrouwen.
– Alles best, als het spleetje maar blijft.
Er blijft geen andere mogelijkheid dan de boor op de kaak te zetten en een metalen implantaat uit de gereedschapskist te trekken om mij er weer als herboren eruit tevoorschijn te laten komen.
Het is een heel project.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 211 “