Veel reacties na verschijnen boek over leven met NAH – Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe

door Jet van Swieten

Veel mooie reacties mocht ik ontvangen na het verschijnen van mijn boek Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe en de krantenartikelen, zoals in De Molenkruier en AD/UN, die daarop volgden. In het boek heb ik situaties opgetekend uit een leven naast een partner met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) en de onzichtbare beperkingen als gevolg daarvan. Een van de eerste reacties kwam van een geriatrisch wijkverpleegkundige. Zij nam het boek in haar handen en riep direct: “Wat een toepasselijke titel.” Voor mij een mooi compliment. Vooral mooi omdat haar woorden mij bevestigden dat partner zijn van iemand met niet-aangeboren hersenletsel ook betekent je partner kwijt te zijn geraakt; levend verlies. Continue reading “Veel reacties na verschijnen boek over leven met NAH – Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe”

Advertenties

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215

door Jet van Swieten

Dat de winter weer voorbij is – ijs en kou voor een paar seizoenen opgeborgen – dat de zonnestralen aangenaam warmbloedig het groen de grond uit lonken; bloemen openbarsten, net als vogelkelen in gezang; het komt troostrijk vriendelijk bij mij binnen. Dit is wat nu nodig is. Het levert mij de energie die ik lang vervlogen achtte. Een winter lang dit vooruitzicht en vandaag is het er, zonder mankeren. Een blauwe lucht ook; wolken drijven nergens meer voorbij. De zon is gul met zijn troost. Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215”

Sluipend de mantelzorg ingezogen – Een bewustwordingsproces – Column

door Jet van Swieten

Het proces van partner naar mantelzorger voor je partner – of van zoon/dochter naar mantelzorger voor je ouder – is in de meeste gevallen niet een waarvan je je direct bewust bent. Misschien zijn er uitzonderingen. Er zijn mensen die direct begrijpen dat zij aan het begin staan van een langdurige tijd, geld en energie rovende klus en hebben de tegenwoordigheid van geest direct maatregelen te nemen om de mantelzorg zo te organiseren dat zijzelf ontlast worden en rekening houden met het leven dat zij leiden, inclusief baan. Nog voordat het sociale netwerk uit elkaar dreigt te vallen zien zij de mogelijkheid mensen uit de omgeving in stelling te brengen om samen de klus te klaren. Dit is het ideale beeld dat voor ogen moet hebben gestaan bij de beleidsmakers, toen zij de participatiesamenleving in elkaar zetten. Continue reading “Sluipend de mantelzorg ingezogen – Een bewustwordingsproces – Column”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 213

door Jet van Swieten

Bijna elke dag vraag ik het hem:
– Heb ik vandaag al gezegd dat ik je lief vind?
Of:
Heb ik vandaag al gezegd dat ik van je houd?

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 213”

Beperkt ziekte-inzicht en zelfoverschatting – een paar apart

door Jet van Swieten

Beperkt ziekte-inzicht en zelfoverschatting vormen een paar apart onder de onzichtbare beperkingen als gevolg van niet-aangeboren hersenletsel. Ze springen niet meteen in het oog maar kunnen flink tegenwerken. Het zijn ingewikkelde beperkingen die moeilijk te herkennen zijn. De getroffene schat niet goed in welke invloed het letsel heeft op zijn functioneren. Daar bovenop komt dat hij niet in staat is goed uit te leggen welke uitwerking zijn beperkingen hebben. Het lukt hem niet zijn grenzen aan te geven en doet zich beter voor dan hij in werkelijkheid is. Continue reading “Beperkt ziekte-inzicht en zelfoverschatting – een paar apart”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 209

door Jet van Swieten

Hij komt de school uit gerend. Een stevige jongen van rond de twaalf jaar. Hij probeert behendig beide armen tegelijk in de mouwen van een jas te steken terwijl hij een bal de lucht in schopt. Ondertussen haalt hij met een zwaai van zijn rechterbeen de bal met gemak uit de lucht om hem een richting op te sturen die hij voor ogen heeft; een blinde muur van het schoolgebouw. Hij is nog het enige kind dat het plein op rent. Het moet pauze zijn. Ik bedenk dat ik voort moet maken om niet verstrikt te raken in een menigte kinderen voordat de andere kant van het plein bereikt is.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 209”