Veel reacties na verschijnen boek over leven met NAH – Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe

door Jet van Swieten

Veel mooie reacties mocht ik ontvangen na het verschijnen van mijn boek Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe en de krantenartikelen, zoals in De Molenkruier en AD/UN, die daarop volgden. In het boek heb ik situaties opgetekend uit een leven naast een partner met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) en de onzichtbare beperkingen als gevolg daarvan. Een van de eerste reacties kwam van een geriatrisch wijkverpleegkundige. Zij nam het boek in haar handen en riep direct: “Wat een toepasselijke titel.” Voor mij een mooi compliment. Vooral mooi omdat haar woorden mij bevestigden dat partner zijn van iemand met niet-aangeboren hersenletsel ook betekent je partner kwijt te zijn geraakt; levend verlies. Continue reading “Veel reacties na verschijnen boek over leven met NAH – Uit het dagboek van een Onbestorven Weduwe”

Advertenties

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 216

door Jet van Swieten

Daar komt weer zo’n bui van ongecontroleerdheid voorbij. Alles wil hij tegelijk. De haast straalt van zijn gezicht. Zijn woorden, zijn lopen, zijn handelingen spreken boekdelen. In die hersenpan zit te veel wat hij tegelijk wil onthouden; aaneen wil doen. Liefst drie dingen simultaan wil hij doen waar slechts plek is voor een. Hij heeft haast, veel haast.
– Schiet op en ga zitten, maant hij.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 216”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215

door Jet van Swieten

Dat de winter weer voorbij is – ijs en kou voor een paar seizoenen opgeborgen – dat de zonnestralen aangenaam warmbloedig het groen de grond uit lonken; bloemen openbarsten, net als vogelkelen in gezang; het komt troostrijk vriendelijk bij mij binnen. Dit is wat nu nodig is. Het levert mij de energie die ik lang vervlogen achtte. Een winter lang dit vooruitzicht en vandaag is het er, zonder mankeren. Een blauwe lucht ook; wolken drijven nergens meer voorbij. De zon is gul met zijn troost. Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 215”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe in de media

Vandaag viel De Molenkruier in onze brievenbus. Wat leuk om dan te zien dat pagina 3 over vier kolommen meteen opent met een artikel over mijn boek Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe. Correspondent Naomi Wijling heeft er een prachtig stuk over geschreven. Dank je wel Naomi. Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe in de media”

Niet zichtbaar, toch beperkend – NAH en functioneren in de praktijk

door Jet van Swieten

Stel, iemand in een rolstoel vraagt je hem dat ene pak yoghurt aan te geven. Hij kan er net niet bij. Waarschijnlijk twijfel je geen moment en helpt hem aan dat pak yoghurt. Omdat je vandaag toch in een behulpzame bui bent, vraag je misschien zelfs of er nog iets is waarmee je kunt helpen. Misschien wil hij nog wel meer zuivelproducten aanschaffen die voor hem te hoog in het schap liggen. De beloning die je krijgt voor je hulp is het blijde gezicht dat je vanuit de rolstoel aankijkt. Daarna ga je verder met je eigen boodschap, verheugd dat je iemand hebt kunnen helpen. Maar ook verheugd met dat moment van contact.

Continue reading “Niet zichtbaar, toch beperkend – NAH en functioneren in de praktijk”

Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 214

door Jet van Swieten

Over zijn vergeetachtigheid en zijn geautomatiseerde handelingen valt iedere keer wel weer iets nieuws te vertellen. Over de avonturen die hij en ik samen beleven met de biscuitrol die weer eens in de koelkast terecht is gekomen, kun je flinke bomen opzetten.
– Dat gebeurt mij ook wel eens, is zo’n reactie.
Let daarbij op het woordje ‘eens’, waarmee de hardnekkigheid van de handeling van mijn lief ineens een onsje lichter wordt bevonden. Plaats dit soort incidenten in een reeks van recidive handelingen en je hebt het probleem uiteindelijk misschien dan toch te pakken. De oplossing niet. Het overkomt iedereen die wel eens de kroontjes van de aardbeien scheidt. De aardbeien belanden als vanzelf uiteindelijk bij het kroontjesafval. Wanneer het opbergen van een zojuist betaald parkeerkaartje in de parkeergarage nog voor de slagboom blijkt opgeborgen bij de boodschappen in de kofferbak, begin je misschien het onpraktische ervan in te zien. Het houdt niet op.

Continue reading “Uit het Dagboek van een Onbestorven Weduwe – 214”